Help! Een huilbaby! Of toch niet?

Huilbaby

Baby’s die uren aan één stuk huilen: de zogenaamde huilbaby. In 2004 schreef Erna Brinkman erover op de website ouders.nl. Als orthopedagoog, maar ook als ervaringsdeskundige. Helaas is dat iets wat zij en ik met elkaar delen, 10 jaar nadat zij dit artikel schreef. Mijn dochter werd geboren na 37 weken zwangerschap. De zwangerschap was moeilijk geweest en de bevalling was een ramp. Mijn dochter werd geboren met een platgedrukt, blauw-paars voorhoofd. Zij had niet goed gelegen, maar de dagen voor de bevalling, had een arts in opleiding het niet nodig gevonden een liggingsecho te maken. Dit ondanks de opdracht van de gynaecoloog om dit wel te doen.

Het begin

In eerste instantie leek er na de bevalling niet veel aan de hand. Mijn dochter kreeg borstvoeding. Dit ging echter niet goed en ik moest flesvoeding bij gaan geven. En toen begon de ellende. Ze krijste alles bij elkaar na elke voeding. Ik klopte aan bij consultatiebureau, huisarts en verloskundigenpraktijk, maar het zouden maar buikkrampjes zijn en dat was heel normaal. Enkele dagen later besloot mijn ex-partner te vertrekken en stond ik er alleen voor. Het huilen van de baby werd steeds erger en ik drong bij de huisarts aan op een verwijzing naar de kinderarts. Zeker nadat mijn dochter diverse keren blauw aanliep na de voeding en zich voortdurend verslikte. De huisarts maakte een verwijzing: ‘Overbezorgde moeder. Verwezen ter geruststelling.’

De kinderarts

In het ziekenhuis werd vrij snel reflux vastgesteld. We kregen medicatie mee en konden weer naar huis. Maar niet zonder dat de kinderarts mij eerst vertelde dat ik ook gewoon moest wennen aan het moederschap en dat eigenlijk alle baby’s reflux hebben. Toen het huilen steeds meer verergerde ondanks de medicijnen, wilde ze mijn dochter opnemen. Ik twijfelde enigszins, maar werd overgehaald doordat de arts bleef zeggen dat het echt heel vaak gebeurde dat ze een kindje even opnemen om de ouder(s) te ontlasten. Ik wilde echter ook vooral dat ze mijn dochter zouden onderzoeken. Ze had behoorlijk klem gezeten tijdens de bevalling dus wie weet had dat er iets mee te maken.

Mevrouw, het komt door uw spanningen

Maar vanaf dag één van de opname verliep alles heel vreemd. Als ik belde vanuit huis, om te informeren hoe het met mijn dochter ging, vertelde een stagiaire mij dat mijn dochter de hele tijd had gehuild, maar later werd dit ontkent. Ik werd naar huis gestuurd, omdat mijn dochter rust nodig had. Maar als ik in het ziekenhuis kwam vertelde ze verhalen over hoe mijn dochter bij het personeel van arm tot arm was gegaan, omdat het zo’n geweldig leuke en kleine baby was. Tot zover de rust dus.
Ik werd duidelijk nauwlettend in de gaten gehouden bij alles wat ik met mijn dochter deed op de afdeling. Ze wilde mijn dochter inbakeren, waarop ik aangaf dat ik hier niet mee akkoord ging. En toch, als ik dan even weg was geweest en onaangekondigd terug kwam, lag mijn dochter ingebakerd in haar bedje. Maar het vreselijkste vond ik dat ik er getuige van was dat mijn dochter, ook tijdens voedingen die de verpleegkundige gaf, blauw aanliep. En dit vervolgens in het gehele dossier niet opgenomen was. Sterker nog: Er werd gezegd door de arts dat het nooit gebeurd was, want de verpleegkundige had het tenslotte niet gemeld. Conclusie was: “Mevrouw, uw spanningen die u heeft vanwege de breuk met uw ex-partner brengt u over op uw dochter. Medisch gezien is er niets aan de hand.” Ik drong steeds aan op een koemelkallergie-test, maar dit was absoluut uitgesloten volgens de artsen, omdat mijn dochter geen eczeem had. De kinderarts beloofde praktische hulp in de thuissituatie om mij te ontlasten. Dit schreef ze ook in het dossier. In de praktijk stuurde ze iemand van de afdeling psychiatrie. Maar deze vertrok weer, omdat al snel duidelijk werd dat dit niet de afspraak was geweest.

Ontknoping

Medisch gezien werd er niets gedaan en dus nam ik mijn dochter weer mee naar huis. Ik had ernstige bekkeninstabiliteit gehad, waar ik nog steeds niet van hersteld was, maar liep op dagelijkse basis urenlang met dochter op de arm rondjes om de salontafel. Af en toe dacht ik gek te worden. Ik probeerde uit alle macht me meer af te sluiten voor het gekrijs, maar niets hielp.

Met kerst zat ik voor de zoveelste keer bij de huisartsenpost. Toen besloot ik dat het genoeg was geweest. Ik wilde koemelkvrije voeding proberen. De arts ging, na veel aandringen akkoord. Na de 3e fles met deze aangepaste voeding, had ik een compleet ander kind; het huilen nam met 90% af. Helaas hoorde ik ook toen pas, dat ik die voeding ook gewoon kon kopen (al was het aardig onbetaalbaar), zonder een recept van de arts. Op dat moment besloot het ziekenhuis dan toch een dubbelblinde provocatietest af te nemen. En deze was, je raadt het al, positief. Maar kwamen er excuses van het ziekenhuis? Nee. Enkel een ‘vervelend voor u dat het zo is gelopen.’ En zelfs dát had ik er nog uit moeten trekken.

Niets veranderd – Huilbaby ontstaat nog steeds door de ouders

Terug naar het stuk van Erna Brinkman. Zij schreef over exact ditzelfde fenomeen. In plaats van dat artsen begrijpen dat een baby die overmatig huilt voor stress zorgt, zien zij het per definitie andersom. Het kind huilt door de stress van de ouders. Hierdoor is het niet alleen zo dat deze veroordeling ouders eerder zwak maakt, dan sterk, maar het is ook deze tunnelvisie die maakt dat diagnoses niet gesteld worden.

Leidde het ontbreken van rust en regelmaat tot een huilbaby of is het andersom: leidt een huilbaby tot het ontbreken van rust en regelmaat?

“Een huilbaby vergt zo’n intensieve verzorging, dat ouders tijd en energie te kort komen, waardoor vaak het hele gezinsleven ontregeld wordt. Kortom: vooraf oordelen ‘buiten de deur’ is te vergelijken met een rechter die oordeelt zonder de stukken gelezen te hebben”.  Aldus Erna Brinkman.

Het is nu 2016 en warempel. Dagblad van het Noorden heeft op 3 maart van dit jaar een artikel geplaatst op de website met weliswaar de positieve titel: “Hulp voor huilbaby en uitgeputte ouders” maar wederom met dezelfde onzinnige inhoud. Suzanne Broekhuizen, kinderarts van het Wilhelminaziekenhuis in Assen, geeft aan dat er 9 van de 10 keer geen medische oorzaak is voor het huilen. Maar mevrouw Broekhuizen, wellicht kunt u ervan maken dat er 9 van de 10 keer geen medische oorzaak gevonden wordt. Want dat is namelijk iets heel anders. Dus mama’s, met een huilbaby of soortgelijke problemen: Laat je niet gek maken en blijf bij jezelf!

 

Reageer